Het IEP LVS

Een kind is meer dan taal en rekenen, maar hoe breng je dat in beeld? Het IEP leerlingvolgsysteem (LVS) werkt volgens het hoofd-hart-handenprincipe en brengt door middel van digitale toetsen niet alleen de cognitieve vaardigheden (hoofd) van leerlingen in kaart, maar ook de leeraanpak, de sociaal-emotionele ontwikkeling en het creatief vermogen (hart-handen). Gezamenlijk vormen deze onderdelen een compleet beeld van de leerling dat dient als ondersteuning en onderbouwing voor de persoonlijke leerroute van een kind. Daarnaast ondersteunen de resultaten uit het IEP LVS bij het opstellen van een pré-advies of een schooladvies.

Hoofd-hart-handen-principe

Wat is dat hoofd-hart-handenprincipe? ‘Tijdens de basisschoolperiode leert u uw leerlingen als geen ander kennen. U weet dat Sem snel dingen oppikt en dat Mehmet goed is in rekenen. U weet dat de vrolijke Emma nog wat speels is en dat Quinten van alle opdrachten iets creatiefs maakt. Kortom: u kent uw leerlingen en u weet wie ze zijn en wat ze aankunnen.

Acht jaar lang krijgt u als leerkracht niet alleen inzicht in de cognitieve vaardigheden (hoofd) van een leerling, maar ook in de leeraanpak, sociaal-emotionele ontwikkeling en het creatief vermogen (hart-handen) van een leerling. Stuk voor stuk talenten en eigenschappen die belangrijk zijn voor de keuze van passend vervolgonderwijs. Bij het geven van een pré-advies of schooladvies dat bij de leerling past en het onderbouwen daarvan neemt u al deze aspecten mee. Voor de cognitieve vaardigheden als taal en rekenen zijn er toetsen die duidelijk aangeven hoe vaardig een leerling is. Maar hoe breng je die ‘zachte’ vaardigheden op een objectieve manier in beeld? Hoe onderbouw je wat je al weet en ziet? En hoe verantwoord je dit aan het vervolgonderwijs, de ouders, maar ook aan de leerling zelf? Met het IEP LVS heeft u een instrument om de brede ontwikkeling van een leerling in kaart te brengen.